De zoektocht naar onze voorouders is een diepgeworteld verlangen dat de mens al eeuwenlang bezighoudt. Wat ooit begon als de speurtocht van de adel naar hun ‘blauwe bloed’ en prestigieuze afkomst, groeide uit tot een brede fascinatie voor onze wortels. Dit verlangen werd lange tijd vooral gekoesterd door de hogere klasse, maar in de tweede helft van de 20ste eeuw begon dat langzaam te veranderen. Met de oprichting van het Centraal Bureau voor Genealogie (tegenwoordig CBG|Centrum voor familiegeschiedenis) kreeg Nederland voor het eerst een centrale plek voor genealogisch onderzoek.

De leeszaal bij het CBG op de Nassaulaan circa 1950.
De oprichter van het CBG is jonkheer Eltjo van Beresteyn (1876-1948). Al aan het begin van de 20ste eeuw droomde hij van een organisatie die genealogie voor iedereen toegankelijk zou maken.
De dreiging van het nationaalsocialisme drukte echter zwaar op Van Beresteyn. Tijdens de Tweede Wereldoorlog zag hij hoe persoonsgegevens werden misbruikt om Nederlanders met Joodse voorouders te identificeren. Daarom stelde hij zijn plannen uit tijdens de Duitse bezetting.
Slechts tien dagen na de bevrijding, op 15 mei 1945, richtte Van Beresteyn het Centraal Bureau voor Genealogie op aan de Nassaulaan in Den Haag. De doelstelling luidde: ‘het bevorderen van de wetenschap der genealogie en daarmede verwante wetenschappen’. Daarbij stond het centraliseren, beheren en beschermen van historische persoonsgegevens centraal.
Het CBG groeide gestaag, en de ruimte aan de Nassaulaan werd al snel te krap. Ook de collecties breidden zich flink uit. In 1969 verhuisde een deel van de collectie naar de Sophialaan, waar eindelijk ruimte was voor verdere uitbreiding.
In 1980 volgde de grote verhuizing naar het huidige pand aan het Prins Willem-Alexanderhof. Daar bleef het CBG zich ontwikkelen en trok het steeds meer onderzoekers aan die gebruikmaakten van de groeiende collectie.

Het Nationaal Archief met vooraan het deel waarin het CBG gehuisvest werd rond de oplevering in 1980.
In de jaren negentig begon de wereldwijde digitalisering, en het CBG bewoog mee. In 1994 startte de digitalisering van de collecties. Computers deden hun intrede in de studiezaal en werden al snel aangesloten op het internet. Enkele jaren later werd de website gelanceerd, waarmee een brug werd geslagen tussen bezoekers en de collectie. Zo werd stamboomonderzoek toegankelijk voor een breed publiek.
De studiezaal bood jarenlang microfilms van de burgerlijke stand aan, maar door digitalisering bij verschillende archiefdiensten verdween die centrale rol geleidelijk. In 2014 nam het platform WieWasWie de functie van genealogisch knooppunt over. Familiegeschiedenis kwam letterlijk binnen handbereik: vanuit de huiskamer konden onderzoekers hun verleden ontdekken. De studiezaal werd gesloten. Niet-gedigitaliseerde collecties zijn sindsdien te raadplegen via de studiezaal van het Nationaal Archief.

De servicebalie van het CBG in 1995.
Anno 2025 is familiegeschiedenis populairder dan ooit. Met het kwartaalblad Gen.Magazine laat het CBG zien hoe veelzijdig familieonderzoek kan zijn. Met verhalen, interviews en onderzoekstips brengt Gen. familiegeschiedenis tot leven.
Die groeiende belangstelling is geen toeval. Onderzoek wijst uit dat een meerderheid van de Nederlanders geïnteresseerd is in haar familieverleden. Vooral onder mensen met een migratieachtergrond is die interesse groot: een op de drie wil meer weten over zijn of haar afkomst.
Het CBG blijft zich inzetten om familiegeschiedenis voor iedereen toegankelijk te maken. Daarom wordt geïnvesteerd in internationale samenwerkingen om via WieWasWie genealogische bronnen van hoge kwaliteit beschikbaar te stellen.
Het CBG is een onafhankelijke stichting die als Dienst van Algemeen Economisch Belang financiële ondersteuning ontvangt van het ministerie van OCW. In de afgelopen tachtig jaar heeft het CBG een groot aantal unieke en genealogisch waardevolle collecties opgebouwd. Een deel daarvan is al openbaar toegankelijk, waaronder het Indisch Oud-Paspoortarchief, de familieadvertenties en de Rode Kruiskaarten. Daarnaast beheert het CBG in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken het Nationaal Register van Overledenen (NRO), met persoonskaarten en persoonslijsten van overleden inwoners van Nederland. Het CBG werkt er voortdurend aan om alle collecties openbaar te kunnen aanbieden, vanuit de overtuiging dat iedereen het recht heeft zijn of haar afkomst te kennen.