CBG bronnen
Verver

Verborgen Verleden met Kees Prins

6 oktober 2018

Kees Prins gaat op zoek naar zijn verborgen verleden

Tekst: Vera Weterings, met dank aan Yvonne Prins

Kees Prins is als acteur onder meer bekend van Jiskefet, Overspel en Bij ons in de Jordaan. Hij is nieuwsgierig naar de geschiedenis van de katholieke enclave Heemstede waar hij opgroeide. Ook wil hij weten of er meer artistieke lijnen in zijn familie te vinden zijn, kunstenaars met wie hij een verwantschap kan voelen. Bovenal zou hij echte vrijbuiters onder zijn voorouders willen vinden, mensen die echt gelééfd hebben.

Kees Prins en Arjo Prins. Foto NTR

Kees Prins en Arjo Prins. Foto NTR

‘Ik zit nu in een fase in m’n leven dat je benieuwd bent wat er gebeurt is voordat je hier terecht kwam.’

Kees start zijn zoektocht in het wandelbos Groenendaal in Heemstede, waar zijn geboortehuis staat. Hij heeft daar afgesproken met zijn oudste broer Arjo die het familiearchief beheert. In het wandelbos was zijn opa aangesteld als bospolitie. Arjo toont Kees een foto van het gezin van zijn opa met daarop ook zijn moeder. Ook heeft hij nog een foto uit 1904 waarop zijn betovergrootmoeder te zien is. Daarna vertelt Arjo Kees over de familie Prins die woonde in de omgeving van het Haarlemmermeer. Opa Prins had een bollenbedrijf. Oom Arie en Henk namen dat bedrijf over. Hun vader had daar geen zin in, hij wilde fietsenmaker worden, maar dat mocht niet. Toen is hij politieagent geworden.

Ook laat zijn broer hem een pas ontdekte liefdesbrief van zijn ouders van vóór hun huwelijk lezen. Kees leert een heel andere kant van zijn vader kennen. Waar Kees hem herinnert als een stugge man, streng maar rechtvaardig, is hij in de brief een jonge verliefde man vol hartstocht en passie. Na het lezen van de brief vertrekt Kees naar het Noord-Hollands Archief in Haarlem. Daar heeft hij afgesproken met archivaris Lise Koning.

Kees Prins leest de liefdesbrief van zijn vader en zijn moeder. Foto NTR

Kees Prins leest de liefdesbrief van zijn vader en zijn moeder. Foto NTR

Arbeiders en metselaars

Lise laat Kees zien dat veel van zijn voorouders afkomstig waren uit Heemstede en dat de meeste metselaar, arbeider of aannemer van beroep waren. Er waren echter een paar uitzonderingen. Zo toont ze bijvoorbeeld de huwelijksakte van Dirk Vester en Joanna Perlings uit 1818. Dirk was schoenmaker en weduwnaar en Joanna was dienstbaar, oftewel dienstmeid. Het is zeer waarschijnlijk dat Joanna eerst werkzaam was als dienstmeid bij Dirk en later de vrouw des huizes werd. Joanna was afkomstig uit Hunsel in Limburg. In die tijd kwamen veel arbeidsmigranten – zoals Joanna – uit Brabant en Limburg naar Heemstede. Op de huwelijksakte is ook te lezen wie de ouders van Dirk waren; Pieter Maartense Vester en Marijtje Jacobse van der Vossen. Deze Pieter was afkomstig uit Weert, maart getrouwd in Berkenrode, een katholieke enclave in Heemstede. In die periode mochten katholieken niet in het openbaar trouwen. In de huiskapel van Berkenrode konden ze dat wel. Zo hebben ook Pieter en Marijtje gedaan.

Kees Prins en Lise Koning. Foto NTR

Kees Prins en Lise Koning. Foto NTR

•	Huwelijksakte Dirk Vester en Joanna Perlings, via WieWasWie (coll. Noord-Hollands Archief) WieWasWie

Huwelijksakte Dirk Vester en Joanna Perlings, via WieWasWie (coll. Noord-Hollands Archief)

Schilders en componisten


Om bij Pieter Maartense Vester te blijven wordt Kees naar het Gemeentemuseum in Den Haag verwezen. Daar wordt hij ontvangen door conservator Frouke van Dijke. Zij neemt Kees mee naar een tentoonstellingszaal met diverse werken van de Haagse School en vertelt over schilder Willem Vester, de zoon van Pieter Maartense Vester, die ook schilder was en werd beïnvloed door de schilders van de Haagse School. Zij schilderden in de periode tussen 1860 en 1900 in Den Haag en zetten zich af tegen de romantische traditie die toen hoogtij vierde in de Hollandse schilderkunst. De schilderijen kenmerken zich met het Hollandse nostalgische oerlandschap vol hoge luchten, polders met koeien, knotwilgen en moerasweiden. Voorouder Willem Vester werd beïnvloed door de schilders van de Haagse School en richtte zich net als hen op het oer-Hollandse landschap. In het depot van het museum laat Frouke Kees een schilderij van Willem zien: een polderlandschap bij Heemstede. Ook toont ze diverse foto’s van het werk van Willem. Bijzonder is dat Willem Vester niet afkomstig was uit een kunstenaarsfamilie, maar juist een familie van metselaars en aannemers en dan ook met de familietraditie brak om kunstenaar te worden. Zijn dochter Gezina schilderde ook. Van haar is ook nog werk bewaard gebleven waarop ze haar vader al schilderend heeft afgebeeld. Naast Willem en Gezina had kees nog meer artistiekelingen in zijn familie. Zo vertelt Frouke dat ook Mari Andriessen, de beeldhouwer, en de bekende componist Louis Andriessen verre voorouders zijn.

Kees Prins en Frouke van Dijke. Foto NTR

Kees Prins en Frouke van Dijke. Foto NTR

Nu Kees meer te weten is gekomen over de voorouders van zijn moeder is hij nieuwsgierig naar zijn vaders kant. Hij gaat zelf op zoek naar voorouders Prins. Op het internet bekijkt hij de huwelijksakte van plantsoenwachter Adrianus Willemse en Helena Dedding op 4 februari 1914 in Bloemendaal. Helena was de dochter van veldarbeider Pieter Dedding en Geertruida Zuiderduin. De ouders van Geertruida waren Jan Zuiderduin en Helena Warmerdam. Kees vindt hun huwelijksakte een leest daar dat de ouders van Jan schulprijder Dirk Zuiderduin en Jeanne (Antje) Françoise Noelle Warmenhoven waren. Kees is nieuwsgierig naar de lijn Warmenhoven. Hij heeft de huwelijksakte gevonden op de website van Erfgoed Leiden en Omstreken dus besluit naar Leiden te gaan om meer te weten te komen over zijn voorouders Warmenhoven.

•	Huwelijksakte Pieter Dedding en Geertruida Zuiderduin, via WieWasWie (coll. Noord-Hollands Archief) WieWasWie

Huwelijksakte Pieter Dedding en Geertruida Zuiderduin, via WieWasWie (coll. Noord-Hollands Archief)

Wat verder niet in de uitzending naar voren komt is het verhaal over een voorouder van betovergrootmoeder Helena Warmerdam: Cornelis Jansz Warmerdam, geboren te Warmerdam ca. 1640. Hij huwde te Sassenheim in 1678 met Lijsbeth Jansdr van Aken. Zij was de enige dochter en erfgename van Jan Jansz van Aken, die eigenaar en uitbater was van herberg de Vergulde Valck. Cornelis Jansz Warmerdam verkocht deze herberg in 1686 aan Jacob van Klaveren, aangezien hij zelf boer was op de boerderij aan de Warmerdam. De herkomst van de familienaam is dus afkomstig van de plaats waar de voorouders Warmerdam gewoond hebben.

•	Huwelijksakte Adrianus Willemse en Helena Dedding, via WieWasWie (coll. Noord-Hollands Archief) WieWasWie

Huwelijksakte Adrianus Willemse en Helena Dedding, via WieWasWie (coll. Noord-Hollands Archief)

Kees heeft een afspraak met archivaris André van Noort van Erfgoed Leiden en Omstreken. Hij neemt hem mee aan de hand van een stamreeks mee in de verdere lijnen Warmenhoven. De stamreeks Warmenhoven gaat terug tot in de vijftiende eeuw. De Warmenhovens waren een vooraanstaande familie die hoge functies bekleden in de duin- en bollenstreek. André staat stil bij zeeman Huig Arysz Warmenhoven, gedoopt in Noordwijk in 1700. Over deze Huig is in het rechterlijke archief van Rijnsburg te vinden dat hij op negentienjarige leeftijd op 30 mei 1719 verklaard dat hij een trouwbeloften heeft gedaan aan Jannetje Gerbrands en ook diverse keren vleselijke conversatie met haar heeft gehad waardoor hij haar heeft bezwangerd. Zijn moeder was het daar niet mee eens en zond hem als zeeman weg. Toch verklaard Huig dat hij de vader van het kind is en met Jannetje wil trouwen.

Kees Prins en André van Noort. Foto NTR

André wil Kees meenemen naar een historische plek in Leiden, het Gravensteen. Dat is namelijk de plek waar voorouder Krijn Jansz Warmenhoven gevangen was genomen zo is te lezen op de huwelijksakte van Dirk Zuiderduin en Antje Warmerhoven uit 1824. Krijn kon doordat hij in hechtenis was genomen niet bij het huwelijk van zijn dochter zijn, maar gaf wel toestemming, zo is in de akte te lezen. In het archief van het Hof van Assises is te lezen dat Krijn in de nacht van 12 op 13 juli 1823 op een aardappelenland in Noordwijk aardappelen heeft gerooid en ontvreemd, oftewel aardappelen had gestolen. Voor deze diefstal kreeg Krijn de gevangenisstraf van minstens vijf en maximaal tien jaar.  André duikt met Kees verder de archieven in en laat hem zien dat voorouder Krijn al eerder was veroordeeld. Hij pakt het archief van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Leiden (1811-1838) erbij. Hierin is te lezen dat Krijn samen met een grote menigte afkwam op de stranding van het kofschip Jonksvrouw Catharina. De aangespoelde goederen, waaronder vaten wijn, werden door de menigte ontvreemd en Krijn nam samen met vier mannen het anker mee naar huis.

Vervolgens toont André Kees nogmaals de huwelijksakte van Dirk Zuiderduin en Jeanne (Antje) Françoise Noelle Warmenhoven om in te zoomen op de geboorteplaats van Antje: Calais. André tipt Kees naar Frankrijk te gaan om daar meer te horen over Antje. Kees heeft een afspraak in het archief in Calais waar hij de huwelijksakte uit 1801 te zien krijgt van de ouders van Antje: Krijn Jansz Warmenhoven en Marie Jeanne Antoinette Sibiouse. Hierna bekijkt Kees ook de huwelijksakte ui 1772 van de ouders van Marie: Christiaan Schwebius Sibiouse en Marie Françoise Lievin Cauë. In de akte is te lezen dat Christiaan weduwnaar was en dit zijn vierde huwelijk werd. Als we naar eerdere huwelijksakte van Christiaan kijken ontdekken we meer over hem. Zo is in de huwelijksakte uit 1764 met zijn tweede vrouw te lezen dat hij aangesloten was bij een gilde en wijn en voedsel mocht verhandelen. Maar het meest interessant is de akte van zijn eerste huwelijk uit 1743. Hieruit blijkt namelijk dat Christiaan sergeant was, ingelegerd in Calais, bij de Zwitserse regimenten voor de koning van Frankrijk, vandaar ook zijn Duits aandoende naam. Christiaan nam ontslag bij het leger en bleef in Calais, waarschijnlijk omdat hij zijn toekomstige eerste vrouw had ontmoet.

Kees eindigt zijn zoektocht in de Église Notre-Dame in Calais waar zijn voorouder Christiaan is getrouwd. Hij kijkt hier terug op de bijzondere verhalen die hij tijdens zijn zoektocht te weten is gekomen. Ook staat hij stil bij het doopvond waar zijn katholieke voorouders zijn gedoopt.

‘Hiervoor was mijn geschiedenis vrij klein. Verder terug dan ouders en grootouders ging ik niet. Binnen die geschiedenis was ik zelf het centrale punt. Je merkt dat als je verder teruggaat, dat jouw voorouders hun plaats in de geschiedenis weer terugnemen.’

Wat niet in de uitzending naar voren komt is dat betovergrootvader Franciscus Willemse al jong zijn moeder verloor. Hij was te Haarlemmerliede geboren in 1824 en zijn moeder overleed reeds in 1828, slechts 24 jaar oud. Zij had toen reeds vier kinderen, een tweeling, twee meisjes, en twee zoons. De kinderen waren vier, drie en twee jaar oud, daarom moest er voor hen een voogd en toeziend voogd benoemd worden. Op 19 mei 1828 werd op het Vredes- en Politiegerecht van Haarlem besloten dat de vader voogd zou worden en grootvader Albert van Bezu toeziend voogd.

De voorouders van Kees Prins waren bijna allemaal Rooms Katholiek. Er is zelfs verwantschap tussen hem en Johannes Gerardus Maria Willebrands, die onder meer kardinaal en aartsbisschop van Utrecht (1975-1983) was. Prins en Willebrands stammen beiden af van de echtelieden Jan Willebran(d)t en Antje Pieters Weel, die te Hoorn op 27 juli 1755 huwden.