CBG bronnen
Verver

Verborgen Verleden met Paul Haenen

21 oktober 2017

Paul Haenen staat helemaal open voor de zoektocht naar zijn voorouders. Hij hoopt dat er afwijkende en brutale personen tussen zitten. Dat maakt het interessanter.

Paul op weg naar zijn verborgen verleden. Foto: NTR

Paul op weg naar zijn verborgen verleden. Foto: NTR

Tekst: Vera Weterings

Kunstschilder Beerendonk

De interesse van Paul gaat in eerste instantie uit naar zijn moeder Cornelia Petronella Velthuizen. Zijn moeder heeft al jaren geen contact meer met haar zus Johanna (Ans) Velthuijzen. Wat is hierover terug te vinden? Cornelia blijkt in haar jeugd verliefd te zijn geweest op de kunstschilder Theo Beerendonk. Zelf kon ze ook prachtig schilderen en ging ze naar de kunstnijverheidsschool. Helaas voor Cornelia, haar zus Johanna (Ans) ging er met haar liefde vandoor.

Paul zoekt via de website van het Stadsarchief Amsterdam naar de persoonskaart en gezinskaart van Johanna, hierop is ook te lezen dat ze getrouwd was met Beerendonk. Om meer over Beerendonk en de relatie tussen hem en tante Ans te weten te komen ontmoet Paul kunsthistoricus Marc Couwenbergh in kunstenaarsvereniging Arti et Amicitiae. Marc vertelt hem meer over het leven en werk van Beerendonk en toont hem ook foto’s van Beerendonk met Pauls tante Ans. Paul ziet de gelijkenis tussen zijn moeder Johanna en tante Ans, die hij nooit gekend heeft.

Paul met kunsthistoricus Marc Couwenbergh. Foto: NTR

Paul met kunsthistoricus Marc Couwenbergh. Foto: NTR

De keuzes van tante Ans Velthuijzen hebben veel invloed gehad op het leven van Pauls moeder. Paul is nieuwsgierig naar haar verleden en zoekt op de naam Velthuijzen in het online archief van het Stadsarchief Amsterdam. Hij stuit op een politierapport van zijn opa, Petrus Velthuijzen, die aangifte doet van diefstal. Dit maakt hem nieuwsgierig naar het oorlogsverleden van zijn voorouders.

Politie meldingsrapporten 1940-1945, Stadsarchief Amsterdam

Politie meldingsrapporten 1940-1945, Stadsarchief Amsterdam

Collaborateurs

Hij duikt in dit oorlogsverleden in het Nationaal Archief in Den Haag. Hier wordt hij geholpen door Eline Wildenbeest die Paul laat zien wat er bekend is over opa Petrus Velthuizen en tante Ans in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging. Opa Petrus blijkt lid van de NSB, maar had verder niets verkeerds gedaan in de Tweede Wereldoorlog. Sterker nog, in een getuigenis van een buurvrouw blijkt dat Petrus haar waarschuwde om de onderduikers van zijn buren veilig te stellen.  
Paul duikt in de archieven van het Nationaal Archief. Foto: NTR

Paul duikt in de archieven van het Nationaal Archief. Foto: NTR

Het dossier van tante Ans is dikker en zij blijkt ook minder braaf te zijn geweest. Van haar is een groot dossier met daarin het onderzoek naar de eventuele collaboratie van Jan Dik jr. en Johanna Velthuijzen. Tante Ans blijkt betrokken te zijn geweest bij de verdwenen Goudstikkercollectie. De Joodse kunsthandelaar Jacques Goudstikker vluchtte aan het begin van de oorlog en overleed kort na zijn vlucht. Twee stafleden van het bedrijf nemen het vermogen over, Jan en Johanna hebben meegeholpen met de verkoop van de kunstwerken aan Hitler. In haar verweer stelt tante Ans dat ze tot de leverantie was gekomen om op die manier onderduikers te helpen. De rechter geeft haar dan ook een milde straf van één jaar hechtenis of een geldboete van 20.000 gulden.

Huiszittenhuis

Huiszittenhuizen (1808-1870), Stadsarchief Amsterdam

Huiszittenhuizen (1808-1870), Stadsarchief Amsterdam

Tot dusver het oorlogsverleden van de familie Haenen. Paul weet dat zijn familie uit Amsterdam komt en gaat terug naar de stad om in het verleden van zijn vaderskant van de familiegeschiedenis te duiken. Hij heeft een afspraak met Harmen Snel, archivaris van het Stadsarchief Amsterdam, die met hem wandelt naar Prinsengracht 235 om te vertellen over het armoedige bestaan van zijn betovergrootmoeder Maria Helena Moederzoon. Maria leefde van de bedeling, zo blijkt uit het archief van het huiszittenhuis.

Paul met Harmen Snel van het Stadsarchief Amsterdam. Foto: NTR

Paul met Harmen Snel van het Stadsarchief Amsterdam. Foto: NTR

Binnengasthuis

Wat niet in de uitzending werd verteld, is dat de Amsterdamse voorouders van Paul ook veelvuldig in het Binnengasthuis zijn opgenomen. Overgrootvader Hendrik Frederik Scheeres werd in het Binnengasthuis verpleegd tussen 10 juli en 26 augustus 1862. Eerder waren zijn ouders in het Binnengasthuis opgenomen. Vader Johannes Franciscus Scheeres werd in het Binnengasthuis te Amsterdam opgenomen op 5 augustus 1862 en overleed daar drie dagen later. Moeder Letje Zieleman was al op 2 augustus in het Binnengasthuis opgenomen en overleed op 13 augustus 1862. Zeer waarschijnlijk leden vader, moeder en zoon aan een besmettelijke ziekte, mogelijk cholera.  

St. Nicolaas Kerk Maastricht

De zoektocht gaat verder in Maastricht. Hier ontmoet Paul op het plein voor de St. Nicolaas Kerk Truus Wanrooij-Roks van het Regionaal Historisch Centrum Limburg. De St. Nicolaas Kerk is heel lang parochiekerk geweest van Pauls voorouders. Paul bekijkt er ook het doopvont waarin velen van zijn voorouders gedoopt zijn. 

Interieur St. Nicolaas Kerk, Maastricht door Philippe van Gulpen, ca. 1835. Collectie RHCL

Interieur St. Nicolaas Kerk, Maastricht door Philippe van Gulpen, ca. 1835. Collectie RHCL

Later bezoekt Paul het archief waar Truus uitgebreid vertelt over de voorouders Haenen die in Maastricht leefden. Joannes Lucas Dominicus, de vader van betovergrootvader Wilhelmus Hubertus Haenen, vertrok uit Maastricht en vestigde zich in Den Bosch. Hij werd daar essayeur, keurmeester van het gehalte goud- en zilverwerken en munten, bij de Waarborg. Wilhelmus Hubertus huwde in Den Bosch met Adriana Catharina van Zuijlen. 

Paul met Truus Wanrooij-Roks van het Regionaal Historisch Centrum Limburg. Foto: NTR

Paul met Truus Wanrooij-Roks van het Regionaal Historisch Centrum Limburg. Foto: NTR

Verwantschap Van Zuylen

Over deze voormoeder en haar verwantschap met de adellijke familie Van Zuylen komt Paul meer te weten op kasteel Anholt, vlak over de grens bij Doetinchem in Duitsland. Hier vertelt Evrard van Zuylen, een deskundige op het gebied van de geschiedenis van de adellijke familie van Zuylen Paul meer over de connectie tussen de Van Zuylens en de familie Haenen.

“Het verleden is niet benauwd, maar bevrijdend”

Buitenlandse voorouders

In de uitzending wordt aandacht besteed aan het Nederlandse voorgeslacht van Paul, maar hij heeft ook buitenlandse voorouders. Aan vaderskant zijn twee betovergrootvaders afkomstig uit Duitsland. Lubbe Lubben, de vader van overgrootmoeder Elisabeth Regina Lubben is in 1798 te Sankt Jost in Pruisen geboren en George Karl Coester, de vader van overgrootvader George Karl Coester, in 1822 te Oberlisting (Keur Hessen). Hij was in Amsterdam suikerbakker van beroep. Drie van de drie grootouders van Hendrina Gabriel, de echtgenote van George Karl Coester, kwamen ook uit het buitenland, namelijk uit Luik en Namen in België en uit Meyle(n) in Zwitserland.