CBG bronnen
Verver

Verborgen Verleden met Dieuwertje Blok

6 januari 2018

Dieuwertje Blok werd geboren in het dorp Nederhorst den Berg in 1957. In 1980 werd ze omroepster bij de KRO en presentatrice voor de radio en sinds 2001 presenteert ze het Sinterklaasjournaal. Dieuwertje komt uit een zeer divers gezin. Zo was haar vader Dik Blok volgens haar afkomstig uit een intellectueel maar kil gezin en kwam haar moeder Hennie Gazan uit een warm Joods nest. Dieuwertje is benieuwd naar de vrouwen van vaderskant en dan met name naar oma Van der Schalk die vijf zusjes had en op Dieuwertje overkwamen als stoere wijven die iets geëmancipeerdst hadden. Ook is ze benieuwd naar de Gazan-familie. Ze weet weinig van die kant, een groot deel is vermoord in de Tweede Wereldoorlog. Ze weet dat haar opa bokste, net als veel Joden en denkt uit een slagersfamilie te komen. Zo schijnt er in Middelharnis een slagerij van de familie Gazan te zijn geweest.

Dieuwertje moet naar Schotland als ze op zoek gaat naar haar verborgen verleden. Foto: NTR

Dieuwertje moet naar Schotland als ze op zoek gaat naar haar verborgen verleden. Foto: NTR

Tekst: Vera Weterings

Joodse slagersfamilie

Dieuwertjes opa Salomon (Sam) Gazan was getrouwd met Saartje Canes. Saartje was oorspronkelijk een kousenbreister uit een arme Joodse familie. Saartje is echter bekend geworden onder haar artiestennaam naam Stella Fontaine als kleinkunstenares. Van haar oma zijn nog langspeelplaten bewaard gebleven, voor Dieuwertje een stem uit het verre verleden. Dieuwertje luistert naar haar oma en rijdt daarna naar Middelharnis, nieuwsgierig naar de slagerij uit de familie. Ze heeft een afspraak met streekarchivaris Jan Both die onderzoek doet naar de Joodse gemeenschap op Goeree-Overflakkee. Jan toont haar een stamreeks van de Gazan-tak en vertelt Dieuwertje dat ze afstamt van een familie in de slagerswereld. Zo laat hij zien dat haar overgrootouders ook vleesverkopers en vleeshouwers in Middelharnis waren. Voorvader Aron Izaak Gazan, afkomstig uit Maassluis, was een slagerij begonnen in Middelharnis. Jan laat de koopakte zien waarin is te lezen hoe Aron de winkel kocht met schuur en erven. Op de begraafplaats in Middelharnis kan Dieuwertje ook de graven voorouders Salomon Gazan en Debora Stibbe bezoeken. Dieuwertjes zoektocht vervolgt naar het Stadsarchief Vlaardingen om meer te weten te komen over deze Aron uit Maasluis.

Dieuwertje Blok aan het begin van haar onderzoek. Foto: NTR.

Dieuwertje Blok aan het begin van haar onderzoek. Foto: NTR.

Ontwikkeling van familienamen

In het Stadsarchief Vlaardingen heeft Dieuwertje een afspraak met Harm Jan Luth. Hij laat haar het bevolkginsregister van Maasluis zien met daarin genoteerd Aron en zijn vader Isaac Marcus. Harm Jan vertelt dat Marcus een patroniem was en dat zijn vader dus Marcus heette en dat mensen in die tijd nog geen achternaam hadden. Een patroniem werd vroeger net als een metroniem (vernoeming naar de moeder) veel gebruikt. Pas toen de burgerlijke stand in 1811 in heel Nederland was ingevoerd werd de familienaam voor iedereen officieel vastgelegd. Personen die nog geen familienaam hadden, moesten er van keizer Napoleon een aannemen en laten vastleggen. Dat gebeurde in zogenoemde registers van naamsaanneming, die soms bewaard zijn. Van de voorvader van Dieuwertje is de naamsaanneming bewaard gebleven waardoor we nu weten dat Isaac Marcus de naam Gazan aanneemt, wat letterlijk ‘voorzanger’ betekent en zijn beroep was.

De vader van Isaac Marcus, Marcus Levy, kwam vanuit Leiden naar Maasluis in de zeventiende eeuw. Bij hem eindigt deze tak van de familie. Vroeger was het gewoon dat als iemand van de ene naar de andere stad verhuisde hij bewijs had, een soort verklaring van goed gedrag. Ook Marcus had zo’n akte die in het archief wordt bewaard. In het request is te lezen dat Marcus Levy toestemming vroeg om in Maasluis te wonen. Ook staat in datzelfde request dat hij is weggestuurd uit Leiden omdat zijn contract als voorlezer voor de Joodse gemeenschap afliep en dat hij rondzwierf. Een half jaar later is in de resoluties van het stadsbestuur van Maasluis te lezen dat hij in Maasluis mocht wonen. Maassluis was een stad die, in tegenstelling tot andere steden, toegankelijk was voor Joden. Marcus Levy was dan ook terug te vinden in het bevolkingsregister van de stad, wat erg bijzonder was in die tijd.

Bevolkingsregisters

Sinds 1 januari 1850 kent Nederland een doorlopend bijgehouden bevolkingsregistratie. Elk huishouden werd ingeschreven in een gemeentelijk bevolkingsregister. Naast namen en geboortedata en –plaatsen werden ook adressen, beroepen en kerklidmaatschappen opgenomen. Ook eventuele inwonende familieleden, kostgangers of bedienden werden bij het gezin ingeschreven. Het bijzondere is dat Maasluis al eerder een bevolkingsregister bijhield waardoor is te achterhalen dat Marcus Levy afkomstig was uit Polen. Het is bekend dat Polen van de elfde tot vijftiende eeuw een paradijs voor Joden was. In de zestiende eeuw kantelde dat door de Reformatie en trokken de Joden weg, zo ook Dieuwertjes voorvader.

"Ik heb altijd verbondenheid gevoeld met vreemdelingen, dat heeft ongetwijfeld met zo’n geschiedenis te maken."

Jeneverfamilie

Na haar moederskant van de familie te hebben uitgeplozen, verdiept Dieuwertje zich in de andere helft, die van haar vader. Dieuwertje gaat naar Schiedam om meer te weten te komen over haar oma van vaders kant: Joanna Francina Benjamina van der Schalk (1897-1993). Ze spreekt af met gemeentearchivaris Laurens Priester die haar stukken laat zien uit het familiearchief Van der Schalk en vertelt over stamvader Van der Schalk: Jacob Janszoon van der Schalk. Jacob was geneesheer en bezat branderijen. Schiedam had in de achttiende eeuw last van de teloorgang van de visserij, toen heeft men aangemoedigd om branderijen in Schiedam te vestigen, waarvan Jacob de grondlegger was en later zorgde voor een familiefortuin. Schiedam is tegenwoordig beroemd uit zijn jenever en Dieuwertje stamt af van een familie van distilleerders, oftewel producten van alcohol.

Dieuwertje met gemeentearchivaris Laurens Priester in het Gemeentearchief Schiedam. Foto: NTR.

Dieuwertje met gemeentearchivaris Laurens Priester in het Gemeentearchief Schiedam. Foto: NTR.

De familie Van der Schalk was ontzettend rijk. Grootmoeder Van der Schalk groeide met haar vier zusters op in een groot dubbel herenhuis aan de Lange Nieuwstraat. Laurens toont een foto en vertelt haar dat het huis helaas in 1963/4 werd gesloopt. Ook is de verzameling koetsen en rijtuigen van de familie op de foto’s te zien, zo toont Laurens een foto van haar oma met haar zusjes in een koets. Hoe rijk de familie was blijkt ook uit een boedelverdeling uit een testament van haar voorouders: er was namelijk in totaal bijna drie miljoen gulden te verdelen, tegenwoordig gelijk aan zo’n 35 miljoen euro.

Kookboek

Dieuwertj en culinair historicus Marleen Willebrands. Foto: NTR.

Dieuwertje en culinair historicus Marleen Willebrands. Foto: NTR.

Als we verder in haar verleden duiken komen we uit bij betovergrootvader Jan Margarethus van der Schalk die in 1855 was gehuwd  met Joanna Francina Benjamina Burgerhoudt. Zij was een kleindochter van Francina Benjamina Nijssen die in 1796 werd geboren en op 27 juli 1814 te Schiedam overleed. Deze voormoeder was een bijzondere vrouw aangezien zij een kookboek geschreven had. Dieuwertje spreekt af met culinair historicus Marleen Willebrands om meer over haar te horen. Marleen laat haar een kookboek zien dat haar voormoeder heeft geschreven: Kookboek of onderrigting om een burgerpot te kunnen klaar maaken volgens het A.B.C. Het kookboek start bij de ‘a’ van andijvie en Marleen laat haar ook een aantal gerechten proeven, waaronder een gerstdrank met amandelmelk en een confituur van kweeperen. Het kookboek is erg bijzonder, omdat haar voormoeder zeer uitvoerige recepten schreef en in detail beschreef wat er moest gebeuren. Ook is er duidelijk uit af te leiden dat ze uit een rijk huishouden kwam, dat kan Marleen zien haar de verschillende vleessoorten die worden genoemd. Tenslotte bezoekt Dieuwertje in de Grote of Sint Janskerk het graf van voormoeder Nijssen.

Dieuwertje in de Grote of Sint-Janskerk in Schiedam. Foto: NTR

Dieuwertje in de Grote of Sint-Janskerk in Schiedam. Foto: NTR

Van koninklijke bloede


In de kerk maakt Dieuwertje een envelop open die zij eerder heeft gekregen in het archief in Schiedam. In de envelop bevindt zich een overzicht van voorouders Soutendam. De moeder van Jan Margarethus van der Schalk was Maria Schoutendam en zij was de dochter van Jan Soutendam en Margarita Stewart. Deze Margarita Stewart was de dochter van de Schotse militair John Stewart. Zo brengt de zoektocht naar haar voorouders Dieuwertje naar Schotland.

Dieuwertje moet naar Schotland als ze op zoek gaat naar haar verborgen verleden. Foto: NTR

Dieuwertje moet naar Schotland als ze op zoek gaat naar haar verborgen verleden. Foto: NTR

Dieuwertje vliegt naar Schotland en spreekt af met genealoog Bruce in een whisky distilleerderij in Ballechim, waar haar voorvader vandaan kwam. Hij vertelt over haar Schotse voorouders Stewart. Haar voorvader die in de Schotse brigade zat, steunde het Nederlandse leger en trouwde ook met een Nederlandse vrouw: Johanna Maria Smoor. Maar hoe de lijn van de Stewarts verder te volgen? Dat is lastig. Eerder had Dieuwertje een DNA-test gedaan. Bruce laat haar zien dat de resultaten aantonen dat ze half Joods was en afkomstig uit Oost-Europa, half West-Europees en voor een-zesde  afkomstig van de Britse eilanden. Die DNA-test had zestien matches waardoor de lijn met de Stewarts kon worden doorgetrokken tot Sir John Stewart of Sticks, zoon van King James II, halfbroer van King James III en kleinzoon van King James I. Dieuwertje heeft dus inderdaad koninklijk bloed in haar aderen stromen.

"Ik kom uit twee heel verschillende werelden die bij elkaar kwamen, in m’n DNA zie je dat heel duidelijk."

Chirurgijn en poorter van Amsterdam

Dieuwertje Blok heeft veel interessante voorouders. In de uitzending van Verborgen verleden wordt geen aandacht geschonken aan de voorouders van overgrootmoeder Helena Antonia Cornelia Pigeaud. De genealogie van deze familie is gepubliceerd in Nederland’s patriciaat 35 (1949). De oudst bekende voorouder was Thomas Pigeaud, geboren in Argenton-sur-Creuse omstreeks 1667. Hij was chirurgijn van beroep en werd in 1689 poorter van Amsterdam.

Burgermeesters van Alkmaar

Ook komen de voorouders van betovergrootmoeder Johanna Francina Benjamina Burgerhoudt, aan moederskant, niet in de uitzending voor. Haar moeder was Jeanne Marguerite Baert. De genealogie van haar familie is eveneens in Nederland’s patriciaat gepubliceerd, in deel 43 (1957). De oudst bekende voorouder hier was Mr. Thomas Jansz Baert, geboren te St. Winoxbergen in 1523. Hij vertrok met zijn gezin in 1567, wegens geloofsvervolging naar de Republiek. Belangrijke voorouders in deze familie waren de vader, grootvader en overgrootvader van Jeanne Marguerite Baert. Haar vader Jacob Baert bekleedde veel functies in Alkmaar. Hij was onder meer schepen, raad en burgemeester van deze stad. Ook grootvader Mr. Adriaan Baert was burgemeester van Alkmaar in 1753, 54,57, 58, 60 en 61. Verder was hij bewindhebber van de Westindische Compagnie. Van voorouders Baert zijn portretten afgebeeld in Nederland’s patriciaat.

Schoolmeesters

Tenslotte betovergrootmoeder Dieuwertje Ruijter, geboren te Wormerveer in 1825 en gehuwd met de kostschoolhouder Cornelis Johannes Blok. Zij stamt uit een familie van schoolmeesters, waarover een publicatie verschenen is in Gens Nostra 59 (oktober 2004). De oudst genoemde was Michiel Arisz Ruyter, schoolmeester te Mijsen (tot 1677)  en daarna in de Wieringerwaard en De Beemster. Wegens sterk verminderd gezichtsvermogen vroeg Michiel Ruijter in de zomer van 1713 of zijn zoon Dirk hem mocht assisteren. De vader van Dieuwertje echter, was geen schoolmeester geworden. Hij was onder meer loodwitfabrikant in 1865 in Wormerveer.